Verordening op de ambtelijke bijstand en de fractieondersteuning gemeente Valkenswaard 2003

Gegevens van de regeling

Gegevens van de regeling
OverheidsorganisatieGemeente Valkenswaard
Officiële naam regelingVerordening op de ambtelijke bijstand en de fractieondersteuning gemeente Valkenswaard 2003
CiteertitelVerordening op de ambtelijke bijstand en de fractieondersteuning gemeente Valkenswaard 2003
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpalgemeen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. artikel 33 lid 3 Gemeentewet

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen
Datum inwerkingtredingTerugwerkende kracht t/mBetreftDatum ondertekening, Bron bekendmakingKenmerk voorstel
01-03-2003 n.v.t. nieuwe verordening 27-02-2003 Onbekend onbekend

Tekst van de regeling

De raad van de gemeente Valkenswaard;


Overwegende dat er als gevolg van de inwerkingtreding van de Wet duahsering gemeentebestuur een wettelijke verplichting bestaat tot het vaststellen van een Verordening op de ambtelijke bijstand en de fractieondersteuning;


Gezien het voorstel van het seniorenconvent d.d. 19 februari 2003;

Gelet op artikel 33 lid 3 Gemeentewet;


                                                                besluit:


tot het vaststellen van de navolgende Verordening op de ambtelijke bijstand en de fractieondersteuning gemeente Valkenswaard 2003
 

Paragraaf 1. Ambtelijke bijstand

Artikel 1
1. Een raadslid wendt zich tot de griffier met een verzoek om:
a. feitelijke informatie van geringe omvang
b. inzage in of afschrift van documenten die openbaar zijn
c bijstand bij het opstellen van voorstellen, amendementen, moties of andere bijstand
2. De informatie, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a of b, wordt door de griffier, een medewerker van de griffie of op verzoek van de griffier door een ambtenaar gegeven.
3. Indien een ambtenaar twijfelt of het verzoek betrekking heeft op informatie bedoeld in het eerste lid, onderdeel a of b, stelt hij de secretaris daarvan in kennis. De secretaris beslist.
4. De bijstand bedoeld in het eerste lid, onderdeel c. wordt verleend door de griffier of een medewerker van de griffie. Indien de gevraagde bijstand niet door de griffier of een medewerker van de griffie kan worden verleend kan de griffier de secretaris verzoeken, één of meer ambtenaren aan te wijzen, die de gevraagde bijstand zo spoedig mogelijk verlenen.
5. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid van dit artikel kan een verzoek om technische informatie over aan de raad door het college voorgelegde voorstellen rechtstreeks aan de ambtelijke steller worden gericht.
 

Artikel 2
1. Een ambtenaar verleent op verzoek van de secretaris ambtelijke bijstand tenzij:
a. het raadslid niet aannemelijk heeft gemaakt dat de bijstand betrekking heeft op de
werkzaamheden van de raad;
b. dit het belang van de gemeente kan schaden.
2. De secretaris beoordeelt of ambtelijke bijstand op grond van het vorige lid geweigerd wordt.
3. Indien de bijstand op grond van het eerste lid wordt geweigerd deelt de secretaris dit met redenen omkleed mee aan de griffier en aan het raadslid dat het verzoek heeft ingediend.
 

Artikel 3
1. De secretaris hoort het betreffende raadslid voordat hij het verzoek om bijstand van een ambtenaar, zoals bedoeld in deze paragraaf, weigert.
2. Bij weigering kan de griffier of het betrokken raadslid het verzoek voorleggen aan de burgemeester. De burgemeester beslist zo spoedig mogelijk over het verzoek.

Artikel 4
1. Indien een raadslid niet tevreden is over door de ambtenaar verleende bijstand, doet hij of de griffier hiervan mededeling aan de secretaris.
2. Indien overleg met de secretaris niet leidt tot een voor beide partijen bevredigende oplossing leggen zij de zaak voor aan de burgemeester. De burgemeester beslist zo spoedig mogelijk over de zaak.

 

Artikel 5
Door of namens de secretaris wordt een register bijgehouden van de verleende ambtelijke bijstand als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel c, waarin per verzoek om bij stand aan de reguliere ambtelijke organisatie wordt opgenomen:
a. welk raadslid om bij stand heeft verzocht;
b. over welk onderwerp om bij stand is verzocht;
c. welke ambtenaar de bijstand heeft verleend;
d. hoeveel tijd het verlenen van de bijstand heeft gekost;
e. de reden waarom een verzoek is geweigerd.

 

Artikel 6
De secretaris verstrekt aan de leden van het college en de leden van de raad desgewenst een afschrift
van het verzoek uit het register.
 

Paragraaf 2. Fractieondersteuning

Artikel 7
1. De fracties zoals bedoeld in artikel 7 van het Reglement van Orde, ontvangen jaarlijks een financiële bijdrage als tegemoetkoming in de kosten voor het functioneren van de fractie.
2. Deze bijdrage bestaat uit een vast deel voor alle fracties tezamen, waarbij elke fractie een gelijk deel toekomt. Daarnaast ontvangt elke fractie een bedrag per raadszetel.
3. De hoogte van de bedragen, bedoeld in het tweede lid van dit artikel, wordt jaarlijks vastgesteld.
 

Artikel 8
1. Fracties besteden de bijdrage om hun volksvertegenwoordigende, kaderstellende en controlerende rol te versterken.
2. De bij drage mag niet gebruikt worden ter bekostiging van:
a. uitgaven die in strijd zijn met wettelijke bepalingen en overige regelingen;
b. betalingen aan politieke partijen, met politieke partijen verbonden instellingen of natuurlijke
personen anders dan ter vergoeding van prestaties (diensten of goederen) geleverd ten behoeve
van de fractie op basis van een gespecificeerde, reële declaratie;
c. giften;
d. uitgaven welke dienen te worden bestreden uit vergoedingen die de leden ingevolge het
Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden toekomen;
e. opleidingen voor raads- en commissieleden.
 

Artikel 9
1. De bijdrage voor fractieondersteuning wordt, voor 31 januari van een kalenderjaar, als voorschot op dat kalenderjaar verstrekt.
2. In een jaar waarin gemeenteraadsverkiezingen plaatsvinden wordt het voorschot verstrekt voor de maanden tot en met de maand waarin deze verkiezingen plaatsvinden. In de eerste maand na de maand waarin de eerste vergadering van de nieuw gekozen raad plaatsvindt wordt het voorschot verstrekt voor de overige maanden van dat jaar.
3. Het voorschot wordt verrekend met teveel ontvangen voorschotten in jaren waarvoor de raad de bedragen heeft vastgesteld bedoeld in artikel 7, derde lid.


Artikel 10
1. Indien het zeteltal van een fractie tengevolge van de verkiezingen verandert, wijzigt de bijdrage
a. bij vermindering van het zeteltal: op de eerste dag van de maand na de maand waarin de eerste
vergadering van de nieuwe raad plaatsvindt;
b. bij vermeerdering van het zeteltal: op de eerste dag van de maand waarin de eerste
vergadering van de nieuw gekozen raad plaatsvindt;
2. Bij splitsing van een fractie wordt de op grond van artikel 7, tweede lid, vastgestelde bijdrage verdeeld over de betrokken fracties naar evenredigheid van het aantal bij splitsing betrokken leden.
3. Bij splitsing van een fractie wordt het aan de oorspronkelijke fractie verstrekte voorschot verrekend overeenkomstig de verdeling die volgt uit het tweede lid van dit artikel.

 

Artikel 11
1. Een fractie reserveert het in enig j aar niet gebruikte gedeelte van de bij drage ter besteding door die fractie in volgende jaren.
2. De reserve is niet groter dan 30% van de bijdrage die de fractie in het voorgaande kalenderjaar toekwam ingevolge artikel 7.
3. De reserve blijft na de verkiezingen beschikbaar voor de fractie die onder dezelfde naam terugkeert, dan wel voor de fractie die naar het oordeel van de raad als rechtsopvolger daarvan kan worden beschouwd.
4. Bij splitsing van een fractie wordt de reserve verdeeld over de betrokken fracties naar evenredigheid van het aantal bij de splitsing betrokken leden.

 

Artikel 12
Elke fractie legt, binnen drie maanden na het einde van een kalenderjaar, aan de raad verantwoording
af over de besteding van de bijdrage voor fractieondersteuning onder overlegging van een verslag
 

Paragraaf 3. Slotbepaling

Artikel 13
Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na de datum van bekendmaking
Aldus vastgesteld in de oraenbare vergadering van de raad van 27 februari 2003,

 


de griffier,                                                      de voorzitter,

 

mr. C.J. Dorsman, l.s.                                  J.E.A. Haas