Met deze overeenkomst gaat de regionale samenwerking een nieuwe fase in, met concrete plannen en afspraken voor de komende jaren, waaraan de partijen zich committeren. De regio Zuidoost Brabant plaatst zich hiermee landelijk bij de koplopers.
Landelijke afspraken
Het sluiten van de overeenkomst volgt uit het in 2011 gesloten Nationaal Bestuursakkoord Water. Daarin werd afgesproken dat regionale samenwerkingsverbanden per 1 januari 2013 organisatorisch en juridisch moesten zijn geregeld. Aan die afspraak voldoet Waterportaal Zuidoost Brabant.
Door doelmatiger samen te werken met verschillende organisaties moet er in heel Nederland vanaf 2020 jaarlijks structureel 750 miljoen euro worden bespaard op de stijgende kosten voor veiligheid en waterbeheer. Alle waterschappen en gemeenten hebben gezamenlijk de opdracht hierin hun aandeel te leveren met een besparing van 380 miljoen euro in 2020.
Zuidoost Brabant
De 11 gemeenten zijn verantwoordelijk voor de inzameling van huishoudelijk afvalwater in hun gemeente, dat via rioleringsstelsels wordt afgevoerd naar de zuiveringen van Waterschap De Dommel in Eindhoven en Soerendonk. Daar wordt het rioolwater gezuiverd en weer teruggebracht in respectievelijk de Dommel en de Buulder Aa. Aangevuld met drinkwaterleverancier Brabant Water zijn deze partijen verenigd in Waterportaal Zuidoost Brabant.
Het Waterportaal akkoord in Zuidoost Brabant staat voor doelmatigheidswinst in de afvalwaterketen door samenwerking. Dat wil zeggen: kwaliteit, maar tegen lagere kosten. Er wordt een besparing van 10 miljoen euro per jaar nagestreefd vanaf 2020.
Ter voorbereiding op de samenwerkingsovereenkomst hebben gemeenten en waterschap het afgelopen jaar een meerjarenprogramma 2013-2020 opgesteld en de doelmatigheidswinst die daarmee bereikt gaat worden, bepaald. Daarnaast zijn een concreet jaarprogramma 2013 en een juridische samenwerkingsovereenkomst opgesteld, die uitvoering van het meerjarenprogramma via een netwerkorganisatie mogelijk maken. Het jaarprogramma 2013 en de samenwerkingsovereenkomst zijn op 17 december bestuurlijk vastgelegd.
